Schoolkinderen

Hoeveel zakgeld is normaal per leeftijd?

Voor veel ouders komt er vanzelf een moment waarop kinderen zakgeld beginnen te vragen. Eerst gaat het meestal om kleine dingen zoals een ijsje, een tijdschrift of een pakje Pokémonkaarten, maar naarmate kinderen ouder worden veranderen ook hun wensen. Dan gaat het ineens over games, make-up, snacks op school, kleding of cadeautjes voor vrienden. Toch vinden veel ouders het best lastig om te bepalen hoeveel zakgeld eigenlijk normaal is. Geef je iedere week iets kleins of juist één bedrag per maand? En hoe voorkom je discussies over klasgenoten die “veel meer krijgen”?

Er bestaat natuurlijk geen vaste regel die voor ieder gezin werkt. De hoogte van zakgeld hangt af van verschillende dingen: de leeftijd van je kind, wat het ervan moet betalen en hoeveel financiële ruimte er thuis is. Ook speelt mee hoe je zelf bent opgegroeid en hoe belangrijk je het vindt dat kinderen al jong leren omgaan met geld. Toch zijn er wel richtlijnen die veel ouders gebruiken en die een handig uitgangspunt kunnen zijn wanneer je niet goed weet waar je moet beginnen.

Waarom zakgeld geven eigenlijk best nuttig is

Zakgeld lijkt soms vooral een bron van discussies (“maar iedereen krijgt meer!”), maar het heeft juist ook een belangrijke functie. Kinderen leren namelijk stap voor stap omgaan met geld. Ze ontdekken dat geld niet onbeperkt beschikbaar is en dat keuzes maken erbij hoort. Dat klinkt misschien logisch voor volwassenen, maar voor kinderen is dat echt iets wat ze moeten leren. Wanneer een kind zijn zakgeld meteen uitgeeft aan snoep of kleine prulletjes, merkt het later dat er niets meer over is voor iets anders waar het eigenlijk ook graag voor wilde sparen. Juist dat soort kleine ervaringen helpt kinderen om financieel bewust te worden. Ze leren nadenken over wat ze écht graag willen en ontdekken langzaam wat sparen betekent. Ook leren kinderen dat je soms moet wachten voordat je iets kunt kopen, iets waar ze later nog veel aan hebben.

Vanaf welke leeftijd geef je zakgeld?

Veel ouders beginnen ergens tussen de 5 en 7 jaar met een klein bedrag per week. Op jonge leeftijd draait het meestal nog niet om het geldbedrag zelf, maar vooral om het idee van “eigen geld”. Kinderen vinden het vaak ontzettend bijzonder om zelf iets te mogen kiezen of ergens voor te sparen. Een paar euro per week is voor jonge kinderen meestal al genoeg om hiermee te oefenen. Vaak helpt het ook om sparen zichtbaar te maken, bijvoorbeeld met een doorzichtige spaarpot of verschillende potjes voor sparen en uitgeven. Naarmate kinderen ouder worden en steeds zelfstandiger worden, groeit het zakgeld meestal langzaam mee.

Hoeveel zakgeld is normaal?

Er zijn geen vaste regels voor zakgeld, maar dit zijn bedragen die veel ouders ongeveer aanhouden. Zie het vooral als een richtlijn en niet als iets wat precies moet. Het ene gezin kiest bewust voor wat hogere bedragen omdat kinderen er veel zelf van moeten betalen, terwijl andere ouders juist liever kleine bedragen geven.

5 tot 7 jaar

Kinderen in deze leeftijdsgroep krijgen vaak tussen de €1 en €2,50 per week. Op deze leeftijd gaat het vooral om kennismaken met geld en leren dat je niet alles meteen kunt kopen. Kinderen vinden het vaak al leuk om kleine bedragen te sparen voor iets wat ze graag willen hebben.

8 tot 10 jaar

Veel kinderen krijgen ongeveer €2 tot €5 per week. Ze worden zelfstandiger en willen steeds vaker zelf iets kopen in een winkel of sparen voor speelgoed, knutselspullen of een spelletje. Ook beginnen kinderen op deze leeftijd vaak beter te begrijpen hoeveel dingen kosten.

11 tot 12 jaar

In deze leeftijd stijgt zakgeld vaak naar ongeveer €10 tot €20 per maand. Kinderen krijgen meer eigen interesses en gaan soms ook zelf iets kopen onderweg naar school of tijdens het afspreken met vrienden. Sommige ouders spreken in deze fase ook af dat kinderen kleine cadeautjes of extra’s zelf betalen.

13 tot 15 jaar

Tieners krijgen regelmatig tussen de €15 en €30 per maand, soms meer wanneer ze ook dingen zoals snacks op school, cadeautjes, make-up of kleine kledingaankopen zelf moeten betalen. Op deze leeftijd wordt zakgeld vaak meer gekoppeld aan zelfstandigheid en leren omgaan met keuzes.

16 jaar en ouder

Oudere tieners krijgen soms €30 tot €60 per maand, afhankelijk van wat ze ervan moeten doen en of ze al een bijbaantje hebben. Veel jongeren gaan in deze fase ook zelf geld verdienen, waardoor zakgeld soms verandert of juist langzaam wordt afgebouwd.

Wekelijks of maandelijks geven?

Bij jonge kinderen werkt wekelijks zakgeld meestal het prettigst. Een maand duurt voor een kind van 6 simpelweg nog erg lang en het overzicht ontbreekt vaak nog. Een kleiner bedrag per week maakt het makkelijker om te leren omgaan met geld zonder dat alles direct op is voor de rest van de maand. Vanaf de middelbare school stappen veel ouders juist over op een maandelijks bedrag. Dat helpt kinderen om vooruit te plannen en bewuster keuzes te maken. Ze leren dan beter nadenken over hoeveel geld ze nog hebben en hoe lang ze daarmee moeten doen. Dat is uiteindelijk ook een goede voorbereiding op later.

Moet zakgeld gekoppeld zijn aan klusjes?

Daar verschillen ouders behoorlijk over van mening. Sommige ouders vinden dat kinderen hun zakgeld gewoon krijgen en dat klusjes erbij horen omdat je samen een gezin vormt. Andere ouders koppelen juist bepaalde taken aan een vergoeding, zodat kinderen leren dat je geld verdient door ergens moeite voor te doen. Voor veel gezinnen werkt een combinatie eigenlijk het prettigst. Kinderen krijgen dan een vast bedrag aan zakgeld, maar kunnen daarnaast extra geld verdienen met grotere klusjes zoals de auto wassen, gras maaien of helpen met een grote opruimklus. Zo blijft zakgeld voorspelbaar, maar leren kinderen tegelijkertijd ook dat extra werk iets kan opleveren.

Wat betaal je kind van zakgeld?

Dat is misschien nog wel belangrijker dan het precieze bedrag. Het helpt enorm om duidelijke afspraken te maken over waar het zakgeld voor bedoeld is. Moet je kind er alleen snoep en kleine dingen van kopen? Of ook cadeautjes, games, kleding of telefoonkosten? Hoe meer kinderen zelf moeten betalen, hoe hoger het zakgeld meestal wordt. Door hier vooraf goede afspraken over te maken voorkom je veel discussies. Bovendien helpt het kinderen om bewuster met hun geld om te gaan wanneer ze weten dat bepaalde uitgaven echt uit hun eigen portemonnee komen.

Laat je niet te gek maken door andere kinderen

Bijna ieder kind zegt vroeg of laat dat klasgenoten “veel meer” krijgen. Dat betekent alleen lang niet altijd dat het ook echt zo is. Bovendien verschillen gezinnen enorm van elkaar. Sommige kinderen krijgen veel zakgeld, maar moeten daar ook bijna alles zelf van betalen. Andere kinderen krijgen minder, maar hoeven verder nergens aan mee te betalen. Het belangrijkste is uiteindelijk niet of jouw kind exact hetzelfde krijgt als anderen, maar dat het leert omgaan met geld op een manier die bij jullie gezin past. Wat voor het ene gezin goed werkt, hoeft voor het andere gezin helemaal niet prettig te zijn.

Zakgeld gaat uiteindelijk vooral over leren

Het mooie van zakgeld is eigenlijk niet het geld zelf, maar alles wat kinderen ervan leren. Sparen, keuzes maken, omgaan met teleurstellingen en vooruitdenken zijn vaardigheden waar ze later ontzettend veel aan hebben. Kinderen leren langzaam begrijpen dat geld keuzes betekent en dat je niet altijd alles meteen kunt kopen wat je graag wilt hebben. En eerlijk is eerlijk: bijna iedereen heeft vroeger wel een keer zijn complete zakgeld in één middag uitgegeven aan iets waar later toch een beetje spijt van kwam. Maar dat soort momenten horen er gewoon bij en leren je kind juist omgaan met geld.

In dit artikel kunnen affiliate linkjes voorkomen. Wij ontvangen een kleine commissie wanneer je doorklikt via zo'n linkje en een aankoop doet. Dit kost jou niets extra, de verkopende partij neemt deze commissie voor zijn rekening. Blij met de informatie die je op onze website gevonden hebt? Dan zijn we dankbaar wanneer je je aankoop doet via een van deze linkjes. Veel leesplezier!
Back to top button